Partneralimentatie gemoderniseerd?

15 augustus 2015 Hedy Bollen
Partneralimentatie … hoe zit dat?

Partneralimentatie duurt nu 12 jaar en wordt berekend op basis van de welstand tijdens het huwelijk. De gedachte is dat het huwelijk de verplichting geeft om voor elkaar te zorgen en dat die verplichting niet ophoudt als het huwelijk eindigt. Een soort onderlinge solidariteit dus die je aangaat als je met elkaar trouwt.

Komt partneralimentatie veel voor?

Ongeveer 1 van de 3 huwelijken eindigt in echtscheiding. Cijfers van 2011 laten zien dat partneralimentatie is toegewezen bij 1 van de 6 echtscheidingen. Het is haast altijd de vrouw die partneralimentatie krijgt. De hoogte van de alimentatie varieert nogal. In een derde van die gevallen was de partneralimentatie minder dan 400 euro per maand, bij een zesde van de gevallen was het meer dan 1.600 euro.

Achterhaald?

Het traditionele rolpatroon waarbij de man werkt en de vrouw het huishouden doet, komt steeds minder voor. Mannen en vrouwen hebben in principe gelijke kansen qua opleiding en werk. Steeds meer vrouwen hebben een baan.
Het huidige systeem zou achterhaald zijn: 12 jaar partneralimentatie betalen is te lang en waarom zou de hoogte van de alimentatie gebaseerd moeten zijn op de welstand tijdens het huwelijk? Degene die de alimentatie ontvangt wordt zodoende ook nauwelijks geprikkeld om zelf te gaan werken.

Wetsvoorstel

Er ligt nu een initiatiefwetsvoorstel van D’66, VVD en PvdA bij de Tweede Kamer waarin het huidige systeem helemaal op de schop gaat. De partneralimentatie moet eerlijker, simpeler en korter worden, aldus het wetsvoorstel.
De oude basisgedachte dat het huwelijk automatisch leidt tot de verplichting om elkaar ook ná het einde van het huwelijk te onderhouden, wordt losgelaten. Het voorstel gaat ervan uit dat beide partijen, zowel de man als de vrouw, in staat zijn om te werken en in het eigen levensonderhoud te voorzien. Alleen als het huwelijk heeft geleid tot een verlies aan verdiencapaciteit is er recht op partneralimentatie. Verlies aan verdiencapaciteit ontstaat bijvoorbeeld als een van de partners stopt met werken of minder gaat werken als er kinderen komen. De hoogte van de partneralimentatie is volgens het wetsvoorstel niet meer gebaseerd op de welstand tijdens het huwelijk, maar op dat verlies aan verdiencapaciteit. Anders gezegd: de hoogte van de partneralimentatie wordt afgeleid van de individuele situatie (de verdiencapaciteit) van de partners vóór het huwelijk.

Het wetsvoorstel gaat dus helemaal uit van de gedachte dat ieder in principe zelf verantwoordelijk is voor zijn of haar inkomen.

Wanneer en hoelang?

Het wetsvoorstel maakt onderscheid in drie situaties.

1. Als er géén kinderen jonger dan 12 jaar zijn, dan geldt:

– Bij een huwelijk dat tussen 0 en 3 jaar heeft geduurd, is er geen recht op partneralimentatie.
– Bij een huwelijk dat 3 jaar of langer heeft geduurd is de alimentatieduur de helft van de huwelijksduur met een maximum van 5 jaar. Voorbeeld: het huwelijk duurde 8 jaar; de alimentatie is dan 4 jaar. Voorbeeld: het huwelijk duurde 15 jaar; de alimentatie is dan 5 jaar (het maximum).

2. Als er kinderen jonger dan 12 jaar zijn, dan geldt:

De alimentatie duurt de helft van de tijd dat het huwelijk heeft geduurd met een maximum van 5 jaar, maar in ieder geval tot het jongste kind 12 jaar is. De alimentatie kan in zo’n geval dus langer dan 5 jaar duren, afhankelijk van de leeftijd van de kinderen. Voorbeeld: het huwelijk duurde 8 jaar, er zijn twee kinderen van 9 en 11 jaar; de alimentatie duurt dan 4 jaar. Voorbeeld: het huwelijk duurde 8 jaar, er zijn twee kinderen van 6 en 9 jaar; de alimentatie duurt dan 6 jaar (totdat het jongste kind 12 jaar is).

3. Als het huwelijk langer dan 15 jaar heeft geduurd en alimentatiegerechtigde ten hoogste 10 jaar jonger is dan AOW-leeftijd, dan geldt: 

De alimentatie duurt de helft van de tijd dat het huwelijk heeft geduurd met een maximum van 5 jaar, maar in ieder geval tot de alimentatiegerechtigde de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt. Ook hier kan de alimenatie dus langer dan 5 jaar duren, afhankelijk van de leeftijd van de alimentatiegerechtigde. Voorbeeld: het huwelijk heeft 15 jaar geduurd, de alimentatiegerechtigde is 59 jaar (en krijgt AOW als hij/zij 67 wordt); de alimentatie duurt dan 8 jaar.

De alimentatie eindigt altijd wanneer degene die alimentatie moet betalen de AOW gerechtigde leeftijd bereikt.

De alimentatie eindigt niet wanneer degene die alimentatie ontvangt een nieuwe partner krijgt en gaan samenwonen. De gedachte daarachter is: de alimentatie is gebaseerd op het verlies van verdiencapaciteit en daar verandert niets aan bij opnieuw samenwonen.

Bestaande gevallen

Voor degenen die nu alimentatie betalen en hoopten dat de nieuwe regels straks ook voor hen zouden gelden, is het wetsvoorstel een teleurstelling. Want alleen nieuwe gevallen vallen onder de nieuwe regels. Nieuwe gevallen wil zeggen: alimentatieverzoeken die bij de rechter worden ingediend nadat de nieuwe regels in werking zijn getreden.

En verder? 

Over het voorstel zoals het er nu ligt is natuurlijk het laatste woord nog niet gezegd. Het zal in de komende tijd besproken worden in de Tweede en Eerste Kamer. Wij houden u op de hoogte.