Transitievergoeding bij ontslag

Elke werknemer die wordt ontslagen na een dienstverband van twee jaar of langer, heeft automatisch recht op een ontslagvergoeding. Die ontslagvergoeding heet transitievergoeding. Het woord transitie is gekozen, omdat de vergoeding is bedoeld om de overgang (lees: transitie) van werk naar werk te bevorderen. De transitievergoeding is in de plaats gekomen van de kantonrechtersformule, die in veel gevallen veel hoger uitkwam. Daar staat tegenover dat elke werknemer met een dienstverband van minimaal twee jaar automatisch recht heeft op de transitievergoeding, terwijl voorheen lang niet iedereen aanspraak kon maken op de kantonrechtersformule.

De hoogte van deze transitievergoeding

De vergoeding wordt als volgt berekend.

  • Over de eerste tien dienstjaren: 1/6 maandsalaris per 6 maanden dienstverband;
  • Over de volgende dienstjaren: 1/4 maandsalaris per 6 maanden dienstverband.

De transitievergoeding is gemaximeerd op € 77.000 bruto (per 2017). Bij een jaarsalaris dat hoger is, geldt het maximum van een jaarsalaris.

Tijdelijk een hogere transitievergoeding voor vijftigplussers

Voor 50-plussers geldt tot 1 januari 2020 een overgangsregeling, omdat hun kansen op de arbeidsmarkt vaak slecht zijn. Als u 50 jaar of ouder bent en minimaal 10 jaar in dienst bent geweest, heeft u in geval van ontslag vóór 1 januari 2020 recht op een hogere transitievergoeding. Voor elk dienstjaar vanaf 50 jaar is de vergoeding 1/2 maand per 6 maanden dienstverband. Voor dienstjaren voor het 50e levensjaar geldt de normale berekening. Maar let op: deze overgangsregeling geldt alleen als uw werkgever 25 of meer werknemers in dienst heeft.

Lagere transitievergoeding bij kleine werkgever in financiële nood

Als u in dienst bent bij een kleine werkgever en u wordt ontslagen wegens bedrijfseconomische redenen, heeft u mogelijk slechts beperkt recht heeft op een transitievergoeding. Achterliggende gedachte is dat een kleine werkgever in financieel zwaar weer geen hoge transitievergoeding kan betalen. Een kleine werkgever wil zeggen: een werkgever die de tweede helft van het jaar voorafgaand aan het jaar van ontslag gemiddeld minder dan 25 werknemers in dienst had. De voorwaarden staan in de ‘Tijdelijke overbruggingsregeling transitievergoeding voor kleine werkgevers’.

Transitievergoeding is ondergrens

De transitievergoeding is een ondergrens, het bedrag waar u minimaal recht op heeft. Als de werkgever geen goede reden heeft om u te ontslaan maar toch afscheid wil nemen, kunt u proberen een hogere ontslagvergoeding te bedingen.

Geen recht op transitievergoeding bij ernstig verwijtbaar gedrag

Bij ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer is er – logisch – geen recht op een vergoeding. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als u zich schuldig maakt aan diefstal, verduistering, bedrog of het in ernstige mate schenden van gedragsregels.

Welke loonbestanddelen tellen mee bij de berekening van de transitievergoeding?

Basissalaris en vakantietoeslag. Allereerst moet er uiteraard gekeken worden naar uw basissalaris. Hiervoor moet uw bruto uurloon vermenigvuldigd worden met uw arbeidsduur per maand. Als u niet voor een vast aantal uren werkzaam bent, moet uw bruto uurloon vermenigvuldigd worden met het gemiddeld aantal uren dat u gewerkt heeft in de 12 maanden voorafgaand aan de ontslagdatum. Ook moet er voor het berekenen van de transitievergoeding rekening gehouden worden met uw vakantietoeslag (vrijwel altijd 8%).

Provisie. Als uw loon voor een deel bestaat uit provisie moet ook 1/12 van de provisie die u in de 12 maanden voorafgaand aan de ontslagdatum verdiend heeft, worden meegenomen.

Eindejaarsuitkering. Als u normaal gesproken recht heeft op een vaste eindejaarsuitkering, dan wordt 1/12 van deze uitkering meegenomen bij de berekening van de transitievergoeding.

Overwerkvergoedingen en ploegentoeslagen. Overwerkvergoedingen en ploegentoeslagen die u in de afgelopen 12 maanden heeft ontvangen, tellen voor 1/12 mee.

Bonussen en winstuitkeringen. Als sprake is geweest van bonussen of winstuitkeringen (of een variabele eindejaarsuitkering), dan geldt een referteperiode van 36 maanden. Dit houdt in dat voor de berekening van de transitievergoeding 1/36 van het totaalbedrag aan bonussen en winstuitkeringen dat u in de 36 maanden voor uw ontslagdatum ontvangen heeft, moeten worden meegeteld. In het geval u nog geen 36 maanden bij uw werkgever in dienst bent geweest, wordt dit bedrag naar rato aangepast.

Stamrechtvrijstellng per 1 januari 2014 afgeschaft

Tot 1 januari 2014 kon een werknemer gebruik maken van de stamrechtvrijstelling. Op grond van deze vrijstelling kon een werknemer zijn werkgever verzoeken om de ontslagvergoeding bruto, dus zonder fiscale inhoudingen, over te maken naar een speciale bankspaarrekening of naar een rekening van een stamrecht B.V. De stamrechtvrijstelling is per 1 januari 2014 afgeschaft.